Drie jaar federatie Sint-Amandus - een gesprek met priester Geert
Moere - studiejaren - seminariejaren - de jonge priester - Sint-Michiel en de weg naar de federatie - federatief parochie zijn - jeunen
terug naar overzicht rubriek "Even voorstellen"
Tijd houdt geen pauze. Tijd kent geen vluchtheuvels, geen zebrapaden,
geen afremmers. Tijd aarzelt nooit, maakt nimmer rechtsomkeer. Tijd is
onomkeerbaar.
Je beseft het maar, als je plots tot de ontdekking komt dat onze
federatie vandaag 04/04/2007 dag op dag drie jaar jong is. Een betere
gelegenheid kon er moeilijk zijn, om even ons oor te luisteren te
leggen bij Priester Geert, een van de grondleggers en bezielers van het
federatief verband Sint-Elooi, Sint-Pius X en de Sint-Michielsbeweging.
Het werd een leuk, leerrijk, onderhoudend maar vooral boeiend
levensverhaal in dienst van de Heer en de anderen.
Moere
Geert Goethals werd geboren in 1965 in Moere. Een landelijk dorpje. Dicht geborgen bij Gistel. Tussen Torhout en Oostende. Westvlaamser kan het dus niet. Kleine Geert (dat is hij ook nog geweest) groeide op als oudste van drie kinderen, samen met zijn broer en zijn zus, in een landbouwersgezin. Een gemengd bedrijf steunend op akkerbouw en vee- en varkensteelt. Je weet meteen vanwaar de liefde voor de natuur bij Geert komt. Geert heeft nood aan wijdse open poldervlakten, kronkelende veldwegen en goudblonde korenvelden. Wat moeilijker te vinden in het Kortrijkse, maar dat compenseert Geert door overal heen te trekken met de fiets. Hij is een vertrouwd beeld geworden op de route Sint-Elooisdreef, Sint-Elooiskerk, Sint-Michielskerk. Dit stedelijk traject is zijn buiten-biotoop geworden. Maar toch, als het even kan, terug naar de echte volle natuur van Moere en omstreken. Daar kan hij tegen de felle kustwind optornen en daar houdt hij van.
Studiejaren
Na het lager onderwijs in de Moerse dorpsschool trok
Geert op internaat bij de broeders Maristen in Pittem. Kortrijk lag toen
al in de nadering. Als Geert aan die periode terug denkt zijn het vooral
de vele uren diverse sporten die hij daar heeft beleefd, die hem zijn
bijgebleven. En… zijn liefde voor de wiskunde. Maar voor Geert was het te
stil en te braaf. Te theoretisch. Hij wilde iets om handen hebben en waar
kon dat beter dan in het Klein Seminarie te Roeselare, waar hij koos voor
de hogere secundaire cyclus landbouw. Het familiaal landbouwbedrijf scheen
te wenken, maar… de Heer waakte en klopte aan Geerts internaatskamertje.
Geert stopte eerst de oren voor dat geklop, trok op prospectie naar Gent
en Leuven om zijn toekomstige studierichting te kiezen, maar hoe verder
hij zijn roeping van zich wilde afduwen, hoe dichterbij zij kwam. Ook onze
Heer kan soms koppig zijn…
Uiteindelijk was het de sociaal-menselijke kant van het priesterschap – er
zijn voor de anderen – die Geert over de schreef trok. Het gezin Goethals
was immers in Moere sterk sociaal geëngageerd, dus ook Geert. Hij was er
heel actief in de jongerenkern van het dorpsmuziek en leerde daar, samen
met zijn vrienden muzikanten, de vele levenstonen kennen. Zijn trombone
haalt hij nu en dan nog eens boven. Waarom er niet eens een mis mee
opgeluisterd? Dat zou nog eens een verrassing zijn!
Seminariejaren
Geert denkt met veel warmte terug aan zijn
seminariejaren. Zijn eerste passen heeft hij daar gezet gesterkt door de
goede raad van zijn dorpsgenoot Koen Vanhoutte. De huidige president van
het Groot Seminarie te Brugge en vicaris verantwoordelijk voor de
parochies.
Geert trad in, samen met een twintigtal andere seminaristen, 14 ervan
werden zes jaar later gewijd. Ondanks zijn praktische zin en aanleg genoot
Geert van de filosofische (2 jaar) en theologische (4 jaar) vorming. Met
veel eerbied en waardering denkt hij hierbij terug aan de verleden jaar al
te vroeg overleden president van het Groot Seminarie kanunnik Vandenberghe.
Om de 14 dagen mochten de jonge seminaristen een week-end naar huis en dan
was Geert actief op de Sint-Niklaasparochie te Moere als begeleider van de
Kinderwoorddienst en de 13+werking.
Het laatste seminariejaar met daarin de diakenwijding was een moeilijke
tijd voor de jonge aspirant-priester. Een chronische ziekte ondermijnde
zijn fysieke mogelijkheden en een hele lange rustperiode bleek
noodzakelijk. Aldus volbracht Geert zijn stage in zijn Moere, moederlijk
verzorgd op de ouderlijke hoeve.
De Heer wist echter waarheen hij wilde met Geert en na die periode van
relatieve rust werd Geert op 1 juli 1990 in de Sint-Niklaaskerk van Moere
tot priester gewijd.
De jonge priester
Zijn eerste opdracht kreeg Geert als aalmoezenier in
het dagcentrum en residentieel verblijf voor mentaal gehandicapten
Kerckstede in Oostnieuwkerke. Geert deed dit werk met hart en ziel. Voor
jonge mensen, voor gehandicapten, iets kunnen doen, het was de prille
voedingsbodem van zijn priesterroeping geweest. Gedurende drie jaar
verbleef Geert te Oostnieuwkerke. Hij herstelde er goed en nieuwe
uitdagingen lagen klaar.
Op de pier van Oostende werd, in een gesprek met priester Noël (beiden
kenden mekaar vanuit hun seminariejaar), de idee van een
jongerenkerkbeweging geboren. Kortrijk wenkte en… het werd Sint-Michiel.
Sint-Michiel en de weg naar de federatie
In 1993 werd de Sint-Michielsbeweging gesticht. Na twee jaar noest pionierswerk kreeg priester Geert wat meer tijdsruimte en werd hij ook deeltijds leraar godsdienst aan de hoogste jaren van het Sint-Amandscollege, zowel in het TSO-handel als in het ASO. Geert heeft daar echt goede hoopgevende herinneringen aan over gehouden. Zijn werkterrein leek uitgetekend. Maar nu was het zonder de bisschop gerekend, want op 4 april 2004 werd de federatie Sint-Amandus officieel gesticht en werden priester Geert en priester Noël aangesteld als verantwoordelijken voor de uitbouw van die nieuwe federatie. Daar ontmoetten zij diaken Dirk, die actief was op Sint-Elooi en die zij kenden vanuit de Sint-Michielsbeweging. Diaken Curd werd ook aangeduid voor de federatie en samen met ons aller Chris Depaepe, die schitterend de ietwat haperende overstap naar de federatie had begeleid, werd aldus een nieuw federatie-team gevormd. Drie in één, of één in drie, de weg daarheen lag duidelijk open.
Federatief parochie zijn
Priester Geert gelooft heel sterk in de
federatie-idee “Het is de weg naar een nieuwe toekomst voor onze kerk”
zegt hij heel affirmatief. “Wij zijn er een beetje moeten inspringen,
zoals in het water, zonder dat wij echt goed federatief wisten te zwemmen,
maar de parochianen hebben ons goed opgevangen. Zij zijn immers de echte
steunpilaren van het religieuze gemeenschapsleven. De priesters zijn
tijdelijke passanten die de christen gemeenschap moeten bijstaan en
stimuleren. Een blijvende structuur opzetten, zodanig dat een toekomstweg
uitgetekend blijft.”
Priester Geert heeft enorm veel opgestoken in het jubeljaar 2000 toen hij
samen met de Wereldkerk in Rome verbleef. Hij kreeg er een vreugdevol en
positief kerkbeeld mee, gedragen door een theologie, die de geest op de
wereld richt.
In dit licht gaat priester Geert komende zomer drie weken op inleef- en
werkreis bij priester Frans Verhelle die in Brazilië 35
geloofsgemeenschappen begeleidt. Priester Geert hoopt er heel wat op te
steken dat projecteerbaar is voor onze Vlaamse Kerk en voor de werking van
onze federatie.
“Met onze Kerk in de wereld staan.” ”Volwassenenvorming binnen onze
federatie organiseren” “Mensen vinden die onze kerkgemeenschap willen
dragen” “Openstaan voor zoekende mensen” “Diaconale taken en caritatieve
inzet uitbouwen voor degene die zwakker zijn” “Eucharistievieringen
aanbieden die intensief zinvol de gelovigen bereiken” “Maar tegelijk ervan
overtuigd zijn dat andere vormen van gelovig bezinnen in de toekomst ook
meer en meer hun plaats zullen moeten krijgen”. Het zijn zovele overtuigde
uitspraken die tijdens het gesprek vallen en het enthousiasme, de dynamiek
maar ook het practisch realisme van priester Geert typeren.
Jeunen
Als ik hem tot slot in onvervalst Westvlaams vraag of hij zich “jeunt” op onze parochie en binnen de federatie, lacht hij eens minzaam. Die glimlach wordt echter begeleid door de zachte kordaatheid van zijn duidelijk JA. En zo kennen wij hem ook en graag. Nog veel “jeunste” Geert op Sint-Pius X, Sint-Elooi en Sint-Michiel.