In de kijker

In deze rubriek richten we de aandacht op mensen die veel voor onze parochie betekenen.


Walter Deschodt aangesteld als gebedsleider voor onze parochie

Pinksteren:
het feest van vuur,
het feest van bezieling door Gods Geest,
het feest van zending.

Net als toen zijn wij hier samen in het cenakel.
Ook met ons gebeurt het wonder van toen.
De heilige Geest komt over onze gemeenschap
en over elk van ons.

Mogen wij net als toen
mensen van grote bezieling zijn
en overal getuigen van Jezus.

De Kerk heeft het nodig.
En jij bent Kerk,
dus zal jij het moeten doen!

Blijf niet haperen!

Deze inleidende tekst bij de eucharistieviering op Pinksteren 2010 kreeg meteen concreet inhoud door de aanstelling van Walter Deschodt als gebedsleider voor onze Sint-Elooisparochie.
Walter voorstellen hoeft allicht niet meer. Hij is op onze parochie alomtegenwoordig: hij is dirigent en bezieler van het Sint-Elooiskoor, is sinds de oprichting van de Sint-Amandusfederatie in 2004 lid van de federale stuurgroep, is verantwoordelijk voor de ontmoetingsmomenten na de zondagsmis, organiseert de federale bedevaart naar Dadizele, coördineert de Sint-Elooisvieringen, bezoekt namens het federaal team de activiteiten van de senioren,… en we vergeten waarschijnlijk nog het een en ander.

Nu neemt Walter nog een nieuwe taak op zich, namelijk deze van gebedsleider. Deze functie werd gecreëerd met het oog op het dalend aantal priesters. In de toekomst zullen minder priesters beschikbaar zijn om de eucharistie op te dragen. Er zijn echter andere mogelijkheden om als gelovige gemeenschap samen te komen: in een gebedsdienst, een woorddienst, een kruisweg… Dergelijke gebedsdiensten mogen door leken geleid worden. Na het volgen van een cursus kan een leek, op aanvraag van de federale stuurgroep, door het bisdom aangesteld worden als gebedsleider.
Walter volgde naast de cursus voor gebedsleiders ook een cursus voor het begeleiden van uitvaardiensten. Hij kan op vraag van de moderator en rekening houdend met de wensen van de nabestaanden een aantal taken rond de uitvaartliturgie op zich nemen.

In de hoogmis van Pinksteren werd deze aanstelling tot gebedsleider met een korte plechtigheid bevestigd. Wij danken Walter voor zijn inzet. Mag zijn pastorale werk rijkelijk vrucht dragen.


Pr. Flor Claerhout: mijn roepingsverhaal

Naar aanleiding van zijn gouden priesterjubileum, dat in de Sint-Elooiskerk werd gevierd op zondag 18 april 2010, schreef priester Flor Claerhout het verhaal van zijn priesterroeping neer.
Pr. Flor Claerhout was medepastoor van onze Sint-Elooisparochie van 1988 tot 1997, daarna enkele jaren hulppriester en aalmoezenier van verschillende rusthuizen. Hij is nu nog steeds aalmoezenier van rusthuis Biezenheem in Bissegem. Hij woont nog steeds op onze parochie en zet zich in door vele bezoeken bij zieken en bejaarden.

We laten pr. Flor aan het woord:

"Vooreerst zeg ik van ganser harte DANK aan de ZEER VELEN die meegeholpen hebben aan mijn (onze) jubileumviering van zondag 18 april. Het was een hartverwarmende ervaring met zovelen de Heer te mogen loven en danken voor 50 jaar priester-zijn in dienst van zeer velen! TE DEUM LAUDAMUS… U GOD LOVEN EN DANKEN WIJ!

Onlangs vroeg mij een kennis op de man af: Maar priester Flor, hoe en wanneer zijt gij "op het gedacht gekomen" om priester te worden? Ik heb hem ongeveer als volgt een antwoord gegeven. "Dat gedacht" komt eigenlijk eerst en vooral van hierboven. Een priesterroeping komt van God die "roept". En de geroepene kan erop antwoorden… of niet antwoorden. God roept niet in eigen persoon, maar via… via… via ménsen. Hij kan vroeg of laat roepen, op jonge leeftijd of op gevorderde leeftijd. Zo zijn er vroege en late roepingen, verwachte en onverwachte, gewone of buitengewone roepingen, denk maar aan die van Paulus!

Mijn roeping was tamelijk gewoon en toch ook ongewoon, tamelijk vroeg… en toch ook wat laat. Zij dateert van 61 jaar geleden. Eerst een beetje voorgeschiedenis… Ik ben als oudste zoon van een middenstandsgezin geboren in 1934. Na mij volgden nog een zus en drie broers. Mijn vader was zelfstandige loodgietersbaas en moeder leidde onze gekende "ijzerwinkel" JAVA op Overleie in Harelbeke. Als eerste en oudste zoon werd ik na mijn "plechtige communie" in 1946 naar het H.-Hartcollege in Waregem gestuurd. Ik werd er ingeschreven in de handelsafdeling 2e jaar. Vader Evarist en moeder Agnes moeten daarbij gedacht hebben dat ik een vijftal jaren later, na het zesde handelsjaar, thuis zou kunnen bijspringen in de zaak, om ze later dan ook voort te zetten. Vader zou dan ondertussen al in de vijftig zijn (hij was namelijk "laat" getrouwd) en hij zou mijn hulp goed kunnen gebruiken. Ik begon naarstig aan mijn "handelsstudies": rekenen, boekhouden, dactylo, steno enz… 2e handel, 3e handel, 4e handel. Toen er plots een onvoorziene en onverwachte wending kwam. U kunt al enigszins raden wat! De mens wikt maar God beschikt.

Tijdens de jaarlijkse schoolretraite preekte een pater Jezuïet met gloed en overtuiging onder meer over het priesterschap: Jezus roept ook hier en nu mensen zoals 2000 jaar geleden… "Kom en volg Mij. Ik zal van u vissers van mensen maken"… Plots dacht ik: "Dat is hier tot mij gezegd, dat is nu voor mij bedoeld!" Ik voelde mij geroepen om priester te worden. Ik was dan 15 jaar jong. Maar ik zat in de "verkeerde" studierichting… Ik ging er met mijn biechtvader over praten. Hij raadde mij aan er nog met niemand over te spreken, tenzij met mijn ouders. Thuis heb ik er eerst met moeder over gesproken. Zij was blij verrast en pinkte een traan weg. En zij heeft het doorverteld aan vader die er ook mee akkoord ging. Al moet hij gedacht hebben dat hij nu nog enkele jaren langer zou moeten wachten om een helper en opvolger te hebben. De volgende zoon was namelijk vijf jaar jonger dan ik! En vader was toen al de vijftig voorbij. Maar hij heeft dat offer gebracht… om mij priester te laten worden. Hij heeft er een stuk van zijn gezondheid en van zijn leven voor opgeofferd.

Zo moest ik na het 4e handelsjaar van richting veranderen: van het 4e handel naar het 4e Latijn. Een moeilijke overstap, maar met Gods hulp en de hulp van edelmoedige priester-leraars die mij speciale lessen Latijn en Grieks gaven, vond ik algauw mijn weg in de Grieks-Latijnse humaniora. Vier jaar later - in 1953 - eindigde ik de "Retorica" met succes. Samen met nog een drietal van mijn klas trok ik naar het seminarie in Brugge. Wij begonnen met 40 eerstejaars, waarvan 22 priester geworden zijn.

Ik dank hier van harte mijn ouders - vader en moeder zaliger - aan wie ik voor een belangrijk deel mijn roeping te danken heb. Dank ook aan al mijn priester-leraars en opvoeders die mij gevormd hebben op weg naar het priesterschap. Dank aan allen die mij gesteund hebben door hun gebed en gelovig voorbeeld. En bovenal DEO GRATIAS - GOD ZIJ DANK GEBRACHT. Een grote DANK-U-WEL ook aan allen die meegewerkt hebben om de jubileumviering van zondag 18 april zo prachtig uit te werken en zo vlot te laten verlopen. Wij hebben er allen deugd aan beleefd, de drie jubilarissen en de zeer velen die meegevierd hebben! DANK -DANK -DANK aan u allen, van Pr. FLOR, Pr. LIEVEN en Pr. ERIK."

Pr. Flor Claerhout


Cyriel Christiaens, 15 jaar voorzitter Seniorenwerking "De Eeuwige Lente"

Cyriel Christiaens is een zeer bekende figuur op de parochie van Sint-Elooi. Zeer vele Overleienaars kennen Cyriel als een bezige bij. Altijd klaar om te helpen en een handje toe te steken. Voor Cyriel is het parochiecentrum een locatie waar hij zeer vele uren van zijn leven heeft doorgebracht en op heden nog altijd verder actief is.
In dienst staan van zijn medemensen is voor hem zeker een levensdoel.
Hij kent een bepaald evangelievers zeer goed dat zegt:” Ik ben hier niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen.”
Cyriel werd 15 jaar geleden tot nieuwe voorzitter van de seniorenwerking aangesteld. De toenmalige pastoor E.H. Lambrecht was getuige toen Cyriel het voorzitterschap op zich nam.
De senioren komen iedere donderdagnamiddag samen in het parochie-
centrum van 13u30 tot 17u30 om een kaartje te leggen, maar zeker ook om de samenhorigheid aan te voelen.
Na een tas koffie en een gezellige babbel worden de kaarten boven gehaald.
Als fiere voorzitter staat Cyriel achter de tapkast om iedereen van een gewenst natje te voorzien.
Voor Cyriel is het een grote eer om zolang voorzitter te mogen zijn. Hij is ervan overtuigd dat mensen sociaal contact nodig hebben.
Communicatie doet mensen herleven, is een gezonde tijdsbesteding en schept innerlijke vreugde onderling.
Hij zet zich 100% in om de werking van de senioren goed en vlot te laten verlopen. Als eerste is hij in het parochiecentrum aanwezig om alles klaar te zetten, maar hij is ook de laatste die de donderdag de deur dicht doet.
Cyriel, we hopen en wensen dat u nog meerdere jaren mag voorzitter blijven en de seniorenwerking verder genegen zijt.

W. Deschodt


Zuster Simonne: een diamanten kloosterjubileum en een In Memoriam

Zondag 28 juni 2009 was een zeer mooie dag in de Sint-Elooiskerk en heel de parochie. We vierden met heel velen het diamanten kloosterjubileum van zr. Simonne van de zustergemeenschap Zusters van Liefde in de Rekollettenstraat. Het was op vraag van zr. Simonne een eenvoudige viering maar misschien juist daardoor was ze zo sterk en innig.
Het koor en de trompetten zorgden voor een mooie muzikale ondersteuning. Radio Maria zond de viering zelfs uit in heel Vlaanderen en Nederland. Na de viering was er een zeer aangename receptie die de zusters ons aanboden.

Helaas is zuster Simonne op 3 september 2009 overleden. Zij werd aan de Heer toevertrouwd in de uitvaartmis op 12 september in de Sint-Elooiskerk.

Als blijvende herinnering geven we hier een gesprek weer dat pr. Noël had met zr. Simonne ter voorbereiding van haar jubileum.

Zr. Simonne, kun je ons iets vertellen over je vroegste jaren?
Zr. Simonne: Ik werd geboren in 1926 in het goede Roeselare. Ik was de jongste van twee. Mijn ouders waren ingoede mensen, ik ben ze er heel dankbaar voor. In 1947 trad ik binnen bij de Zusters van Liefde uit Heule. Ik begon mijn opleiding en twee jaar later, in 1949, werd ik al geprofest voor het leven… Nadien mocht ik naar de Normaalschool in Brugge gaan om er mijn diploma voor het onderwijs te halen.

Zr. Simonne, nadien volgde een gevuld leven. Kun je ons iets vertellen?
Zr. Simonne: Toen ik afgestudeerd was, werd ik benoemd in de lagere school van Kuurne. Ik heb er les gegeven van 1953 tot 1961. In 1961 mocht ik dan naar Kortrijk komen, in de Recollettenstraat, waar ik nog altijd woon en heel gelukkig ben. Ik heb hier in Kortrijk eerst les gegeven in onze lagere school. Ik heb dit gedaan tot in 1971. Op dat moment begon er een nieuw apostolaat. We startten een centrum voor kinderen met een mentale handicap.

Zr. Simonne, hoe is dat verder gegroeid?
Zr. Simonne: Het is een heel mooi gebeuren geworden dat nu de naam ‘Zonnebloem’ draagt. Ik weet nog goed dat we een naam zochten en toen we met enkelen rondkeken in ons gebouw zagen we een mooie affiche met een zonnebloem en een zon, met daaronder de tekst: ‘De zon zegt nooit: het is genoeg. De zon zegt nooit: ik schijn niet meer…’ Daar ligt de oorsprong van onze naam…

Zr. Simonne, kun je ons nog iets vertellen over je jaren van pensioen?
Zr. Simonne: Wel, in 1992 heb ik de fakkel doorgegeven en begonnen er wat rustiger jaren. Ik bleef hier in Kortrijk wonen en heb hier in deze gemeenschap zoveel goeds mogen ervaren. Vanaf 2001 mocht ik de heel goede zuster, zr. José, opvolgen als overste. Maar het belangrijkste in onze gemeenschap is dat alle zusters zo goed voor elkaar zijn. We mogen samen voor vele mensen een thuis zijn…

Zr. Simonne, kun je ons nog iets vertellen over je spiritualiteit?
Zr. Simonne: De H. Thérèse de Lisieux is voor mij een inspiratie. Haar kleine weg van de liefde is zo mooi. Jezus en je mensen elke dag liefhebben in zoveel kleine dingen… Ook de mensen die ik mocht ontmoeten hebben me veel gegeven. Eén iets misschien: toen zr. José al heel ziek was, zei ze me op een dag: ‘Geef het allemaal aan Jezus. Hij kan er zoveel mee doen.’ Het is zo waar. Mocht ik mijn leven herdoen, ik zou helemaal hetzelfde doen, maar nog meer proberen mijn best te doen. Het is heel schoon geweest.

Zr. Simonne, heel veel dank voor dit interview maar vooral voor wie je bent en voor heel je gemeenschap die zoveel goeds betekent voor onze parochie. We wensen je alle goeds toe. Dank je wel!


Zuster Jenny viert haar gouden kloosterjubileum

Op zondag 7 september, in de hoogmis op Sint-Elooi, vierden we met velen het vijftigjarig jubileum van de professie van zuster Jenny, zuster van Liefde uit de Rekollettenstraat.
Het evangelie van die zondag kon niet passender zijn: “Waar er twee of drie verenigd zijn in mijn naam, daar ben Ik in hun midden,” zegt Jezus ons.
We waren inderdaad met velen samengekomen rond de Heer, mensen van Sint Elooi, Overleie, medezusters, familie en vrienden, om Hem te danken voor een wel heel bijzondere zuster.
Vijftig jaar geleden beloofde zuster Jenny ongehuwd te blijven voor de Heer, te gehoorzamen aan haar oversten en zonder persoonlijk bezit te leven.
Het was het begin van een leven van trouw aan Jezus en aan het gegeven woord, dienstbaar voor medezusters en voor velen die op haar weg kwamen.
Onze zuster Jenny is een rasechte Kortrijkse, gesneden uit het goede sterke Vlaamse hout, geboren op Vlaamse grond in de kelderkeuken van een huis in de Beheerstraat.
Al van jongsaf was ze geïnspireerd door de figuur en het leven van broeder Isidoor.
De overbrenging van zijn lichaam van het kerkhof naar de Passionistenlaan in 1951 moet een onvergetelijke indruk op de jonge Jenny gemaakt hebben.
Op zestienjarige leeftijd voelde ze zich al geroepen om naar het klooster te gaan. Maar zoals jullie weten was dit toen nog een tijd, waarin vaders nog iets te zeggen hadden.
Pas op eenentwintigjarige leeftijd, in september 1956, kreeg ze toelating om in te treden bij de Zusters van Liefde te Heule en kon zuster Jenny, nu zuster Isidora geworden, positief antwoorden op de stem van God, die steeds luider was blijven roepen.
Wat volgde was een vruchtbaar leven van dienstbaarheid aan God, medemens en medezusters: de laatste twintig jaar op Overleie in de Rekollettenstraat.
Ook de parochie kan altijd op zuster Jenny rekenen, als lector in de zondagavondliturgie en al van in de opstart, als zingend lid van ons Sint-Elooiskoor.
Het was trouwens een praktisch voltallig Sint-Elooiskoor, dat in de verzorgde eucharistie een speciale sfeer bracht met mooie liederen, zelf gekozen door zuster Jenny en die door velen enthousiast werden meegezongen.
De dirigent van het koor, Walter Deschodt, hield er trouwens aan om zuster Jenny na de viering nog eens uitgebreid te danken voor zoveel inzet en trouw.
Dat gebeurde symbolisch met drie geschenken: bloemen, puzzels en een mand vol zoetigheden, drie dingen waar zuster Jenny dol op is.
Ook namens de priesters en de diakens werd zuster Jenny figuurlijk in de bloemetjes gezet.
Gans de parochiegemeenschap is gelukkig met haar inzet, haar voorbeeld van blijheid en optimisme, maar vooral met haar gebed. Want naast al haar praktisch werk, blijft zuster Jenny vooral een biddende zuster, die altijd meer voor anderen vraagt, dan voor zichzelf.
Met zijn allen hopen en bidden we dat deze altijd lachende en blije zuster, echt iemand naar het hart van Jezus, nog lang in ons midden mag blijven.

Kris Vergote-Tandt


Op interview bij mevrouw Thérèse Tanghe-Toye

Thérèse Toye, geboren te Kortrijk op 23 mei 1925 als oudste uit een gezin van negen, won als echte Overleienaar de gouden medaille Frans Dewitte. In het auditorium van het museum 1302 in het Begijnhofpark, reikte het gemeentelijk ACW Kortrijk deze prijs uit, genoemd naar priester-journalist Frans Dewitte die het weekblad De Volksmacht stichtte. Van voorzitter Eddy Vanlancker vernam Thérèse dat zij voor haar jarenlange inzet voor het sociaal welzijn van haar streekgenoten genomineerd werd. Echt gelukkig was ze niet dat haar die eer te beurt viel. Ze is niet zo voor al die belangstelling te vinden, maar doordat het ganse bestuur erachter stond, kon zij niet weigeren. Ze heeft de gouden plak aanvaard in naam van alle vrijwilligers van Overleie, want veel mensen komen voor die erkenning in aanmerking.

Van 1953 tot 1980 hield zij, dus na haar huwelijk in 1947 met Bertje Tanghe die haar drie zonen schonk, een juwelierswinkel open op Overleie. Een hele resem sociale engagementen vulden het leven van Thérèse rijkelijk.
Veertien jaar was ze voorzitster van de KAV. Als oudste van negen had ze van alles meegemaakt op de parochie. Haar sociaal meevoelen kwam er ook gedeeltelijk doordat Thérèse een gehandicapte broer had waar ze een innige band mee had en waar ze door het vuur zou voor gaan. Via de Spatjes geraakte Thérèse in de ziekenpastoraal. Ook de boekhouding nam ze sedert 1971 voor haar rekening, wat ze nog steeds doet. De eerste ziekendag, waarop de Spatjes geschenkjes ronddelen, dateert van 1973. Thérèse werd een van de vaste figuren sedert 1974. Aan de hand van de lijsten van de Spatjes is de ziekenpastoraal ontstaan. Later ontstond Ziekenzorg C.M. waar Thérèse tot op heden nog in het bestuur zit. Zij heeft ook de lokale afdeling van Kind en Gezin gesticht en ze heeft jaren gespeeld bij Taal en Kunst waar ze ook haar man leerde kennen. Nu is ze souffleur bij de Spatjes wat ze heel erg graag doet. Daarnaast is ze lid van de parochieraad en filateliste. Thérèse doet wekelijks ziekenbezoeken in de buurt en kliniekbezoek op campus Sint-Maarten. Daarnaast is ze een erg belezen vrouw, die zowel interesse heeft voor talen, historische boeken als familiekronieken.

Op 17-jarige leeftijd, na haar middelbare studies (ze sloeg haar tweede middelbaar over) eerst op pensionaat te Heule, later in Bijstand te Kortrijk, wou Thérèse graag Germaanse talen studeren, maar dat mocht niet van moeder, die weduwe was geworden in 1940 toen vader verongelukte.

De gedrevenheid waarmee deze kranige dame tot me sprak, heeft me in de diepste vezels van mijn zijn geraakt.
Haar intellectueel vermogen, haar rechtvaardigheid, haar ietwat rebels voorkomen, haar sociaal gevoel, haar interesses voor toneel, opera, operette, muziek, lectuur, reizen en fotografie hebben bij mij een groot gevoel van respect teweeggebracht.

Toen ik op het eind van de namiddag vroeg of ze hetzelfde zou doen, wanneer ze haar leven zou overdoen zei ze met vastberaden stem: Ja zeker! Ik ben een gelukkige vrouw en ik hoop dat ik nog jaren ten dienste kan zijn voor mijn medemens. God schept de dag en die neem ik zoals die komt.
Ik mag dat in feite niet zeggen maar het kaartje dat ik deze morgen in mijn brievenbus kreeg van een zieke vrouw, heeft me zo diep geraakt dat ik heb zitten wenen als een klein kind, dat is meer dan die gouden medaille.
“Een lieve groet om te bedanken voor de warmte die je geeft.
Je oprechte steun is waardevol.
Je hebt gevoel voor al wat leeft.
Je bent een héél bijzonder mens.
Vrolijk betrokken en attent.
Ik voel me rijk met de gedachte dat je er altijd voor me bent.
Dank voor zoveel fijne momenten die ik koester als een kostbaar geschenk.
Hopelijk kan deze kaart illustreren hoe ik over onze vriendschap denk”.

Met deze woorden, gegrift op papier, maar zeker gebrand in mijn hart, nam ik dankbaar afscheid van een klassevrouw, een dame om U tegen te zeggen.

Kris Vergote-Tandt


Zuster Samuela en Zuster Hermilis, de laatste zusters van het Sint-Amandscollege

Bij de Zusters van het Geloof, sedert 1938 dienstbaar in het Sint-Amandscollege te Kortrijk, wordt met het inluiden van het nieuwe schooljaar een heel belangrijk hoofdstuk afgesloten. De laatste zusters verlaten eind augustus het college.

Vroeger waren ze met tien zusters die altijd ten dienste stonden van de kinderen. Tijdens de vakantie was er geen personeel en deden de zusters al het werk. Hun verlof was een doevakantie. Taalstages, muziekstages en zelfs sportstages waaronder basket stonden steevast in hun drukke agenda genoteerd.

Zuster Samuela, geboren te Wingene op 6 juni 1926, is de nestor van de twee zusters. Ze had drie nichten in het klooster, waar ze naar op keek. Op 23-jarige leeftijd trad ze binnen. Ze had geen studies gedaan, wel wat koken en naaien en de “menage doen” geleerd, want zij waren met elf kinderen thuis. Vanaf haar drieëntwintigste verbleef ze een drietal jaar bij de zusters van het geloof in de Ruiseleedsesteenweg te Tielt. Dan werkte ze vier jaar in het Sint-Amandscollege te Kortrijk, voornamelijk als “kok”. In 1958 leerde ze vijf verschillende huizen kennen, daarmee was ze niet gelukkig: " Wanneer ik iedereen begon te kennen, moest ik weer ergens anders naar toe." In 1963 kwam ze voorgoed naar Kortrijk, waar ze zich altijd gejeund heeft. De mooiste tijd die ze mocht doorbrengen was wel in Tielt. "Er waren daar veel zusters en daar heb ik veel leute gehad! Echt met pijn in het hart, ga ik niet weg," zegt ze. "Ik blijf in Kortrijk, in Sint-Vincentius, huis Groeninge, ’t is wel géén rustoord hé," voegt ze er met haar twinkelende oogjes aan toe. "Daar verblijven momenteel een 16-tal zusters die wat meer zorgen nodig hebben. Ik ben blij dat ik in de stad Kortrijk kan blijven, ik ken de stad. Verder zal ik nog wat profiteren van de dagen die God me schenkt en de toekomst nemen zoals die komt."

Zuster Hermilis is ook van Wingene afkomstig. Ze zag het levenslicht op 1 september 1932. Ze waren met twaalf kinderen thuis. Op zevenjarige leeftijd verhuisde het gezin naar Houthulst. In Sint-Jozef te Tielt was ze op pensionaat en keek ze vol bewondering op naar de leefwijze van de zusters. Op 21-jarige leeftijd trad ze binnen bij de Zusters van het Geloof. Zij is altijd heel gelukkig geweest in haar roeping. Graag wilde ze naar de missies, maar eens binnen in het klooster, werd er geen rekening gehouden met je eigen wil, zegt ze kordaat. We waren met 45 in het noviciaat en de oudere zusters en zij die gestudeerd hadden, stuurden ze weg naar vreemde oorden. Ik was maar tot zestien jaar naar school geweest, ik was "van den boer” en kunnen koken en naaien was voldoende. In 1956-57 werd zuster Hermilis geprofest in Oostende. In 1958, na haar eeuwige professie, werd ze naar Kortrijk overgeplaatst. Haar taak in het college bestond hoofdzakelijk uit huishoudelijk werk. Wanneer ik haar vraag wat haar mooiste jaren waren, schiet haar gemoed vol en zegt ze met tranen in haar ogen: “De tijd dat ik bij de kinderen stond”. Haar werd gevraagd om nu te verhuizen naar Tielt. Het is ook voor haar een vrije keuze om Sint-Amandscollege te verlaten. "Alles is zo veranderd," zegt ze. "Sedert twee jaar doen we geen ziekendienst meer, de opvoeders doen dit nu. Alles verandert, zo ook de directie. Op 28 augustus ben ik hier 50 jaar ten dienste geweest, dag in dag uit, géén vakantie, en toch deed ik het heel graag, niets was me te veel. Zo iets wis je niet in één, twee drie uit. In feite voel ik met wat onzeker en bang voor wat de toekomst me brengen zal. Hier in Kortrijk wonen we heel ruim en we zijn maar met twee. In Tielt zal er terug rekening moeten gehouden worden met 16 bejaarde zusters. Mijn taak zal er voortaan uit bestaan of zij er goed en netjes uitzien. Men vindt me nog te jong en te goed," zegt ze al lachend, "om nu al op rust te gaan."

Hopelijk gaat hun afscheid van het Sint-Amandscollege niet zomaar voorbij. Vijftig jaar in dienst staan voor je medemens vraagt tenminste toch een grote dankjewel voor de jarenlange tomeloze inzet.

Met een dankjewel van mijnentwege voor hun openhartig gesprek, sluit ik de deur van het Sint-Amandscollege voorgoed achter me.

Kris Vergote-Tandt